Eric Corton (48)
bereidt zich voor op de solovoorstelling ‘Ma’, naar het gelijknamige boek van Hugo Borst.  Vanaf januari 2018 speelt hij dit stuk over dementie door het hele land. Voor toBe vult de acteur en  presentator zes algemene uitspraken over leven en dood persoonlijk in. “Als ik de regie verlies over mijn eigen gedachten, dat wat in me huist, mijn ziel, dan wil ik echt niet meer.”

Maak de dood tot uw vriend, opdat hij u niet overvalt

“Deze uitspraak van Montaigne, een filosoof uit de zestiende eeuw, hoorde ik een jaar of zes geleden voor  de eerste keer. Ik voelde direct heel sterk: ‘Dit klopt.’ Hier in het Westen zijn we ver van de dood af geraakt. We zijn er doodsbang voor. De dood is eng, naar. Als de dood ons overkomt, voelen we een groot, groot verdriet. Het ís natuurlijk ook heel naar en verdrietig. Maar ik heb in andere culturen gezien dat er ná dat grote verdriet nog een leven is. Ik was als kind heel bang dat mijn ouders zouden overlijden. Ik was bang voor het grote verdriet dat ik dan zou voelen.Dat verdriet is me bespaard gebleven. Ik ben (klopt drie keer  op de houten bar) in mijn leven nog niet zó op de proef gesteld. Maar bij het maken van reportages in Darfur voor 3FM Serious Request, zag ik kinderen doodgaan. Moeders die in negen jaar tijd zes kinderen moesten begraven. De dag na de begrafenis staan ze weer op het land, want ja, de overgebleven kinderen moeten eten. Die vrouwen moeten dóór. Ze hebben geen keus.

‘De dood zie ik als een punt achter mijn bestaan’

Met de dood tot je vriend maken bedoel ik: realiseer je dat je ooit sterft. Dat de mensen van wie je houdt, ooit sterven. Van leven ga je dood. Ik kan me straks niet lekker voelen, morgen naar de dokter gaan en daar horen: ‘Ik heb een slechte mededeling voor u.’ Ik sta daar bewust bij stil, ik wil die mogelijke situatie doorvoelen. Duizenden mensen per dag horen dit. Het is reëel. Een paar dagen geleden hoorde ik een vrouw op televisie vertellen dat ze borstkanker had. Haar beide borsten waren verwijderd. Ik was onder de indruk van haar verhaal. Tot het moment waarop ze zei: ‘Toen ik hoorde dat ik borstkanker had, dacht ik: Borstkanker? Dat past helemaal niet bij mij.’ Wat zegt ze nu?, dacht ik. Dat past helemaal niet bij mij? Bij wie wel dan? Ze zei verder goede dingen, dus naïef was ze niet. Dat vind ik nou een voorbeeld van de manier waarop we in het rijke Westen denken dat we ons voor alles kunnen indekken. Dat is niet zo. Het leven is niet maakbaar. Maar een groot verdriet is ook niet het einde van de wereld. Het is een onderdeel van het leven. Als je een groot verdriet ervaart, moet je dat volgens mij verschríkkelijk aangaan. Niet na twee weken denken dat het klaar moet zijn, terwijl je je nog ongelofelijk slecht voelt. Als je je een halfjaar of langer intens verdrietig voelt, dan ís dat zo. Ik denk dat het belangrijk is om alles goed te doorvoelen.”

Wie is Eric Corton?

Leven alsof het je laatste dag is

“Voelen dat het leven ooit afgelopen zal zijn, dwingt me om te leven in het hier en nu. Ik geloof niet in een  hiernamaals. De dood zie ik als een punt achter mijn bestaan. Ik moet er niet aan denken dat dat leven nog een keer over moet. Als ik dood ben, hoop ik dat anderen iets aan mijn leven hebben gehad en misschien zelfs wat goede dingen voortzetten. Ik geloof wel in dat butterfly-effect: wat je op de ene plek teweegbrengt, kan op een andere plek groots effect hebben. Maar ik wil mijn energie vooral laten trillen binnen de kleine kring dierbaren met wie ik dagelijks hier op aarde ben. Voor mijn kinderen wil ik een fijne vader zijn, voor mijn vrouw een leuke man en voor mijn ouders niet alleen maar ‘die krengerige puber’ die ik volgens mijn moeder ooit een jaar ben geweest.  Om het met hen echt goed te hebben, moet ik soms mijn eigen gevoel opzij zetten en vooral luisteren naar de ander. Ruziemaken als het nodig is. Zo open mogelijk met elkaar praten. Onze kinderen zijn vijftien en achttien. Het is niet altijd pais en vree in huis. Maar ik kan met tevredenheid zeggen dat we heel open met elkaar praten. Van mijn ouders heb ik geleerd ook de andere kant van dingen te zien. Ze luisterden naar mij en mijn zus, en lieten zien dat je ook ánders kon denken over dingen. Niet alles is leuk, maar heb oog voor de nuance. Die onderzoekende houding, openstaan voor nieuwe inzichten, op je plaat gaan, jezelf weer terugvinden: dát is leven voor mij en dát wil ik doorgeven aan mijn kinderen. Leren, daar gaat het mij om. Ooit heb ik in een interview geluk omschreven als ‘genoeg hebben om van te zijn en nog wat overhouden om van te worden.’ Jaha [lachend], dat heb ik zelf gezegd. Daarmee bedoel ik dat je je prettig voelt in het moment, met alle geneugten en narigheid die bij het leven horen. En dat er daarnaast een verlangen blijft om te groeien, je idealen te verwezenlijken. En fikkend boos te blijven worden over dingen. Als kind wilde ik álles worden. Journalist, toneelspeler, leraar Nederlands. Violist. Ik heb lang de droom gehad dat iemand mij een viool geeft, ik ‘m aanneem, ernaar kijk, kuch en vervolgens de sterren van de hemel speel. Als ik iets doe, ga ik er vol in. Maar soms moet je eerst iets leren voordat je het kunt. En daar heb ik  niet altijd het geduld voor. Ik wil zoveel mogelijk doen, zoveel mogelijk beleven. Ik ben ook nog lang niet klaar. Dus als die dood komt, zou ik dat heel rot vinden. Maar aan de andere kant: hiervoor was ik er miljoenen jaren niet. En de komende miljoenenjaren ben ik er ook niet. Dus ach…”

Iedereen wil oud worden, niemand wil oud zijn

“Ik repeteer nu volop voor de solovoorstelling ‘Ma’ die ik vanaf januari ga spelen. Ik las de columns van Hugo Borst en voelde de urgentie. We worden steeds ouder, maar het hoofd doet dat hele eind niet altijd mee. Toen ik werd gevraagd voor deze voorstelling, hoefde ik dus niet lang na te denken. Ik zie hoe we  omgaan met ouderen. Hoe we omgaan met de zorg. Hoe er chronisch te weinig geld is. Ik wil dit verhaal heel graag vertellen en mensen met een dikke strot naar buiten laten gaan. De laatste regels van de voorstelling ontroeren mij iedere keer weer. De eerste keer kon ik die laatste alinea bijna niet uitspreken. Potverdorie, het gaat over mensen die onze wereld misschien hebben verlaten, maar er nog wel zíjn. Ze hebben net als iedereen aandacht en liefde nodig. Al weten ze misschien niet meer wie die liefde geeft, ze hebben het wel nodig.

Eric Corton toont boek 'Ma' van Hugo BorstMijn eigen moeder is nog fit. Maar mijn vader wordt vergeetachtig, waarschijnlijk als gevolg van een TIA twee jaar geleden. Dat helpt me wel bij het inleven, ja. Ik hoop echt dat ik nooit het stadium bereik waarin ik de regie over mijn eigen gedachten verlies. Je gedachten, dat wat in je huist, je ziel. Als dat kapotgaat, wil ik echt niet meer. Dat heb ik laten vastleggen, maar dat kun je tegenwoordig bijna elke week opnieuw doen. Voordat je het weet, ben je wilsonbekwaam verklaard. Misschien moet ik het op m’n gezicht laten tatoeëren. Want wat is er nou belangrijker dan je leven op een relatief rustige, liefdevolle manier af te sluiten? Ik ben niet voor makkelijk omgaan met leven en dood. Leuk is het nooit, sterven. Maar het kan wel goed en waardig gebeuren.”

Leven en laten leven

“Dat doen we veel te weinig. Láten leven betekent dat je over je eigen leven moet nadenken. Het betekent in sommige gevallen dat je iets moet inleveren. Je moet iets voor elkaar overhebben. Mensen roepen dat ‘alles verandert als we al die vluchtelingen moeten opvangen.’ Dat is niet zo. Misschien moet je een klein deel van je leven iets aanpassen, misschien moet je je blik verruimen. Het begint bij mij heel erg met luisteren. Als je luistert, hoef je even niet te praten. Dat is op zich al heel fijn. Er wordt zoveel geroepen. Als je luistert, ga je bovendien anders praten. Er is vaak gezegd dat we in Nederland te lang en te veel ‘thee hebben gedronken.’ Er was hardere actie nodig. Maar luisteren is een heel belangrijke, zachte kracht. Problematiek die zo zwart-wit leek, wordt anders als je naar elkaar luistert. Je moet de ander willen begrijpen. Dat heb ik van huis uit meegekregen, maar ik heb er zelf ook aan gewerkt. Ik heb andere inzichten opgedaan door naar anderen te luisteren. Een voorbeeld: de discussie rondom Zwarte Piet. In het begin dacht ik, zoals nog zoveel mensen nu: ‘Wat is daar nou het probleem van?’ Totdat ik echt ging luisteren naar de argumenten en de sentimenten en begreep hoe pijnlijk het was voor veel mensen. Als ik zo’n nieuw inzicht krijg, lever ik iets van mijn oude overtuiging in. Dan hoef je jezelf niet direct te geselen. Het is niet dat je het daarvoor zo vreselijk verkeerd zag. Je hebt gewoon iets geleerd. Je kunt de deur op slot doen en je mening bakken in gewapend beton, maar dan sta je op een gegeven moment echt alleen. Alles om je heen verandert, behalve jij. Ik heb een broertje dood aan starheid. Starheid gaat altijd gepaard met ontblote tanden en uitgeslagen klauwen. Dat is zo ontzettend onwerkbaar.”

Het leven wordt voorwaarts geleefd en achteruit begrepen

“Als jongetje van tien stond ik met mijn vader op het slagveld van Waterloo. Mijn vader had iets met Waterloo en nam mij ermee naartoe. We stonden daar en hij vertelde alles: hoe belangrijk die slag was voor de Nederlandse en Europese geschiedenis, de manier waarop werd gevochten… Begin dit jaar werd ik  gevraagd mee te doen aan het televisieprogramma Verborgen Verleden. Ik heb niet zo heel veel met familie, maar ik wilde wel meer weten over mijn voorouders. De zoektocht leidde naar Waterloo. Bij het opnemen van het programma stond ik weer op dat slagveld. Een van mijn voorvaders heeft in de vuurlinie gestaan bij Waterloo, meegevochten tegen Napoleon. De helft van zijn bataljon sneuvelde, hij overleefde als een van de weinigen. Dat raakte me. Waterloo speelde van jongs af aan een rol in mijn leven en nu bleek dat die interesse van mijn vader een heel duidelijke bron had, zonder dat hij of ik daar iets van wist. Sowieso is ‘oorlog’ onmiskenbaar verbonden met mijn jeugd. Ik kan me herinneren dat ik naar beelden van bombardementen keek op televisie. Dat was Vietnam. Ik was zes en gefascineerd. Later las ik erover, keek documentaires. Het heeft altijd mijn aandacht gehad. Ik wilde ervan leren. Ik ben geboren in Oosterbeek. Elk jaar wordt hier rond 17 september de Slag om Arnhem intensief herdacht. Er is vreselijk gevochten op mijn geboortegrond. Heel Oosterbeek lag in puin na die zesdaagse Slag. Veel Britse veteranen durfden jarenlang niet naar het dorp terug te keren uit schaamte over wat ze hadden aangericht. Maar Oosterbeek is hen juist ontzettend dankbaar. De dorpelingen waren kanonnenvoer, de hele exercitie was vanaf het begin kansloos. Maar zij kwamen voor ons. Zo wordt er hier over de Britse en Poolse soldaten gedacht en daarom worden ze elk jaar uitgebreid herdacht. Schoolkinderen leggen tijdens een ceremonie altijd bloemen op de graven van de militaire begraafplaats. Ik deed dat als kind ook. Stond ik daar met gele kaplaarsjes, in mijn regenjas. ‘Voor de onbekende soldaat’, stond er op het graf waar ik mijn bloemen neer mocht leggen. De onbekende soldaat? Ik liet tot me doordringen wat daar stond, keek naar die enorme hoeveelheid witte kruisen en kreeg tranen in mijn ogen. Daar kreeg de dood voor de eerste keer vorm voor mij. De eerbied voor de oude knarren die jaarlijks overkwamen om hun maten van toen te herdenken, voel ik net zo sterk als alle andere inwoners van Oosterbeek. Een week lang wappert de Airbornevlag aan vrijwel elk huis. Op mijn zestiende hing ik daar mijn Anarchistenvlag naast: een zwarte vlag met een grote, witte A er op. Die vlag stond toen voor mij óók voor vrijheid. Dat leverde thuis nogal wat strijd op, haha…

‘Vrijheid van denken, van leven: het is zo’n ontzettend groot goed’

Voor 3FM Serious Request ben ik veel in post-oorlogsgebieden geweest: Darfur, Congo, Cambodja. Daar liggen nog zoveel mijnen in de grond. Zoveel mensen zijn verminkt. Wat oorlog doet met mensen… Mijn eerste reis, naar Darfur, was de meest indrukwekkende. Daar is zoveel afschuwelijks gebeurd. Ik kan niet eens bedénken wat mensen elkaar voor heel, heel nare dingen kunnen aandoen, maar daar gebeurde het. Vrijheid van denken, van leven: het is zo’n ontzettend groot goed. Daarom koester ik mijn eigen gedachten ook zo. En wil ik absoluut niet verder als ik daar geen controle meer over heb. Het is inmiddels wel bekend dat bewegen ontzettend belangrijk is voor het gezond houden van die hersenkwabben hierboven. Zitten is zo ongeveer onze grootste bezigheid geworden. Maar de boel moet doorbloed worden en daarvoor moeten we ons inspannen. De prefrontale cortex zorgt onder andere voor het reguleren van onze emoties en de opbouw van herinneringen.

Sinds een jaar sport ik nog intensiever dan ik al deed. Ik ben anders gaan eten en drink geen alcohol meer. Die veranderingen in mijn levensstijl hebben me zoveel opgeleverd. Ik ben fit. Helderder in mijn hoofd. Alsof er een vitrage is weggetrokken. Mijn gedachten zijn scherper. Ik was altijd een avondmens, maar kan nu niet meer wachten om ‘s morgens aan de slag te gaan. Doordat ik me zo fit voel, lukt het me nog beter om in het hier en nu te zijn. En dat wil ik. Ik wil in het moment leven. Ik fiets  wekelijks met een groep mannen. Als 48-jarig broekie rij ik dan achter de 74-jarige schrijver Tim Krabbé aan, die echt sneller gaat dan ik. Als ik 74 ben, wil ik ook voorop rijden.

Ook geestelijk voel ik een enorme veerkracht. Een paar jaar geleden merkte ik dat ik me als presentator bij 3FM niet meer zo thuis voelde. Of beter gezegd: ik merkte dat ik bepaalde nieuwe bandjes uit Engeland totaal niet boeiend vond. Die muziek en die types hadden we nou toch wel gehad? Was ik nou blasé aan het worden? Toen ik daar over ging nadenken, concludeerde ik dat ik op een punt was gekomen waarop sommige zaken zich gingen herhalen. Het was tijd om het stokje over te dragen. Alles in het leven heeft een cyclus. Ik moest gewoon wat anders gaan doen.”

Zand erover

“Nee, ik wil niet begraven worden. Cremeer me, strooi me ergens uit en denk af en toe aan me. Door het werk dat ik heb gedaan, zijn er voor mijn nabestaanden genoeg dingen waardoor ze weer even aan mij kunnen denken. Dat is een luxe. Als ze maar vooral aan me denken in termen van ‘een leuk mens’. Met de nadruk op mens. Want soms ben je niet leuk, dat hoort er ook bij. En wat mijn uitvaart verder betreft – de kleding, de muziek: dat mogen mijn nabestaanden uitkiezen. Ik ben er niet bij. Het is hun afscheid. Hun verdriet. Ik vind uitvaarten altijd lastig. Verdriet is zo persoonlijk. Vaak is het op zo’n koude, kille plek waar je
helemaal niet wilt zijn. De woorden en de muziek die je hoort, dekken vaak niet de lading van de emoties die jij op dat moment  hebt. Dan wordt ook nog eens de muziek te hard ingestart. Maar ik ga erheen om te laten zien dat ik meeleef. Om te steunen in het verdriet. Daar hebben mensen wat aan.”

Tekst: Maaike Kuyvenhoven & Laura Thuis   
Fotografie: Anne Hamers    

Deel op:

Laat een reactie achter

dima